Ergo Pers Home
  

  
  
 
 

 

° 1952, Sint Denijs Westrem.
† 2009, Elsene


   

'En nu, met het mes nog dichter op de keel, nu al het zeggen gezegd is - zonder enig resultaat -, de bluf van het geluk met leugens is doorzeefd, nu geen enkele strategie ons nog kan helpen de waanzin te overstijgen en alleen de imbecielen veinzen geen schrik te hebben, nu dringt zich de vraag op: 'Zijn wij mislukte schilders?'
Hoeveel zijn er trouwens die begrijpen dat schilderen betekent: afhankelijk zijn van iets dat buiten onszelf is?'

   

Philippe Vandenberg   


Philippe Vandenberg and Mario De Brabandere,

 

Philippe Vandenberg 80's

Philippe Vandenberg in zijn 
atelier in de Stokerijstraat, Gent

 

 

 

 



Philippe Vandenberg, geboren in Gent in 1952, stapte op 20 juni 2009 uit het leven.
Na een jeugd in verliet hij het kleinburgerlijke milieu in Sint-Denijs Westrem en trok naar Gent.

Het Museum voor Schone Kunsten in Gent reikte hem als tiener de werken aan van Hiëronymus Bosch, Gustave Van de Woestijne en Constant Permeke. Na een korte mislukte passage aan de Universiteit van Gent kwam hij in 1970 terecht in de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten. Voor het eerst voelde hij zich omringd door gelijkgestemden, het was een milieu dat hem toeliet zichzelf te zijn. Met Jan Bursens, een van zijn eerste leermeesters, zou hij zijn leven lang bevriend blijven.

Hij noemde zichzelf een kunstenaar van de ontroering en de reflectie. Verwondering was een noodzakelijke voorwaarde voor zijn kunst. Vandenberg ging als kunstenaar tegen vele tendensen in en vernieuwde zichzelf voortdurend.
Het schilderen is de exponent van het leven zelf met zijn ups en downs, zijn tragiek en zijn vragen, maar ook het gevecht met de materie en de betekenis van de beeldtaal die erin besloten ligt. Bovendien is hier sprake van een filosofische attitude, die aan dit oeuvre een universele betekenis geeft.[5]

Vandenberg werd permanent gevoed door daden van destructie, door oorlog en terreur, verminking en vernieling, en onvermijdelijk ook door het vernietigen van het eigen werk. Uit de brokstukken van deze attitude ‘schildert hij zich bij elkaar’, het is een manier van leven en van overleven, het bijeenvegen van puin, débris, houdt de verwondering scherp. Het was steeds opnieuw deze methode die zijn werk nieuwe impulsen gaf.

Hij was ook een getormenteerd en rusteloos mens die worstelde met demonen en obsessies. Philippe Vandenberg leverde niet alleen een perseverant gevecht met de schilderkunst[5]. Kunstenaar worden was ook vechten tegen zijn omgeving, niet alleen zijn afkomst en familie, maar ook collega's, curatoren, vrouwen en vrienden.
Vandenberg liet een kerkhof van verbrande relatie's achter zich.


Het destructieve als methode.

 

 

Links: Philippe Vandenberg and Mario De Brabandere, zonder titel, 2004
Main d'oeuvre, Roger Raveelmuseum 2015

Philippe Vandenberg in his studio in the 80's in Ghent (Hofstraat)[1].

Philippe Vandenberg in zijn atelier in de Stokerijstraat, Gent. Émile Luider, Gent, 1987/1988 [7].

 

 

Kunstenaarsboeken in Main d'oeuvre, Roger Raveelmuseum 2015

Kunstenaarsboeken in Main d'oeuvre, Roger Raveelmuseum 2015

 

 

 

 

Exil de peintre, een boek met vierenzestig etsen van Philippe Vandenberg verscheen bij Ergo Pers te Gent in december 2003.
Een jaar lang werkte Philippe Vandenberg (°1952, Gent) aan deze serie etsen die, samen met een gelijktijdig ontstane tekst La lettre au nègre,  gebonden werden in een boek. De etsen werden van december 2002 tot november 2003 gerealiseerd in het atelier van Henrie Hemelsoet.
Het contact met de grafische techniek gaf een nieuwe wending aan zijn werk. Motieven als 'kruisiging' en de existentiële bevraging van de plaats van de mens en de kunstenaar in deze wereld zijn nog steeds prominent aanwezig, maar de beeldentaal is minder getormenteerd geworden, meer gelouterd en uitgepuurd. Het anekdotische uit zijn vroegere werk heeft nu plaats gemaakt voor configuraties van een zuiver abstract lijnenspel, met referenties naar Louise Bourgeois, Jürgen Partenheimer, Barnett Newman en anderen.
De etsen ontstonden van december 2002 tot november 2003 in het atelier van Henrie Hemelsoet en werden gedrukt op Hahnemühle (en niet op papier Jésus zoals Vandenberg in zijn corrspondentie graag vermeldde). Rein Ergo stond in voor de vormgeving en realisatie van het boek.

Exil de peintre
verscheen in een beperkte oplage van 33 exemplaren.
Het boek bestaat uit twee volumes : een eerste deel met een reeks van 53 etsen en de tekst, en een tweede deel met een suite van elf door Philippe Vandenberg gesigneerde en genummerde etsen. Elk exemplaar is ook in het colofon door de kunstenaar genummerd en gesigneerd.
Het boek werd voorgesteld op 11 december 2003 in het Caemersklooster te Gent. Hans Martens was de curator van de tentoontelling die naast het boek en de serie etsen ook enkele monumentale schilderijen omvatte.

Philippe Vandenberg, Brief aan de neger, vertaald uit het Frans door Joost Beerten
Philippe Vandenberg, La lettre au nègre, dans Exil de peintre, Ergo Pers, Gand, 2003.

 

 

Na de tentoonstelling in het Caemersklooster verscheen nog Débris, een uitgave waarin proefdrukken en teksten van Philippe Vandenberg uit Exil de peintre gebundeld werden. De oplage was tweemaal 14 exemplaren, elk boek was door de unieke staat van de verzamelde proefdrukken een op zichzelf staand artefact, elk boek gaf ook een aparte inkijk in het ontstaansproces van enkele etsen.
Philippe Vandenberg en Rein Ergo gaven elk veertien exemplaren vorm, die alle bestemd waren voor de vrienden van de kunstenaars. Enkele exemplaren werden door Philippe Vandenberg gesigneerd of van een opdracht voorzien.

 

 

 

Main d'Oeuvre

 

Philippe Vandenberg, Exil de peintre en Débris, in Main d'oeuvre, 20 jaar Ergo Pers

Philippe Vandenberg, Exil de peintre, 1998-2003, olieverf op doek, 200 x 300 cm en Roger Raveel, Huiselijkheid, 1958,
in Main d'oeuvre, 20 jaar Ergo Pers, Roger Raveelmuseum 2015

 

      Philippe Vandenberg. Molenbeek. Bozar, Brussel
Philippe Vandenberg,  Molenbeek. De schriftuur van het schrijven, Bozar 2020

Philippe Vandenberg, Molenbeek. De schriftuur van het schrijven, Bozar 2020 © Ergo Pers

 

Philippe Vandenberg. Molenbeek
                                    De schriftuur van het schrijven

De tentoonstelling Philippe Vandenberg. Molenbeek bevat grote en kleine werken op papier uit de laatste jaren van Philippe Vandenberg in zijn atelier te Molenbeek. Philippe Vandenberg. Molenbeek is de eerste grote solotentoonstelling van Philippe Vandenbergs werk in België sinds hij in 2009 zelfmoord pleegde.
'Ik ben geen installatiekunstenaar. Ik ben schilder, tekenaar, etser en schrijf ook teksten', zei hij. Vooral tekenen was een grote liefde. Een manier van leven. 'Tekenen zit in mijn ziel', liet hij noteren.
Zijn tekeningen zijn een document humain waarin de grote worstelingen met de kunst of het schilderij, de liefde, de taal, ouder worden, afnemende potentie en de confrontatie met verval verbeeld worden.
In de eerste zalen zien we een provocerende kunstenaar in een reeks burleske en satirische tekeningen. Hier zien we Vandenberg als een geëngageerd kunstenaar die zijn geliefde Molenbeek zag als een platform voor wereldproblemen.
De grote kracht van deze tentoonstelling ligt in de reeksten tekstwerken waarin de kunstenaar onbeholpen een eigen taal probeert terug te vinden. Woorden zoekt. Woorden en zinnen als een mantra oneindig blijft herhalen. Blijft tekenen.
Philippe Vandenberg is geen schrijver: 'Diep in mijzelf ken ik het antwoord, maar ik kan het niet verwoorden, noch voor mezelf, noch voor de anderen. Alleen via het beeld kan ik het mysterie tonen, via gelijkenissen door de schilderkunst gedragen.’
De getekende zinnen lijken als een mantra eindeloos herhaald te worden.

Each man kills the thing he loves

Il me faut tout oublier

We'll kick your ass out of St. John's Millbrook

Aucun Grand Amour Suffit


Die laatste zalen lezen als het dagboek van een groot kunstenaar. Maar uiteindelijk was ook de schilderkunst, die grote liefde, niet genoeg.

'Mes enfants, je vous aime tellement. Je n'en peux plus de solitude. Pardonnez-moi.'

Dat zijn de woorden die Philippe Vandenberg voor zijn kinderen neerschreef en op een tafeltje achterliet, alvorens hij op 29 juni 2009 uit het leven stapte.

Na zijn overlijden brachten zijn dochter Hélène en zonen Mo en Guillaume hulde aan het werk van hun vader in diverse tentoonstellingen. In de Philippe Vandenberg Foundation en vanuit Vandenbergs atelier in Molenbeek dragen ze het oeuvre van hun vader uit.


Philippe Vandenberg. Molenbeek
BOZAR/Paleis voor Schone Kunsten
Ravensteinstraat 23 1000 BRUSSEL

Philippe Vandenberg Foundation
www.philippevandenberg.be

 


 
Philippe Vandenberg. Molenbeek, De schriftuur van het schrijven (detail), Bozar, 2020 Philippe Vandenberg,  Molenbeek. De schriftuur van het schrijven, Bozar, 2020 Art as a way of life. Kunst als een manier van leven | Philippe Vandenberg. Molenbeek, Bozar, 2020 Philippe Vandenberg, Each man kills the thing he loves, Philippe Vandenberg. Molenbeek, Bozar, 2020 Philippe Vandenberg, Molenbeek, Bozar, 2020. Une de ces installations prend la forme d’un svastika, un symbole qui rappelle son opposé symétrique, la croix nazie

Verscheurde schoonheid. Philippe Vandenberg. Molenbeek, Paleis voor Scjone Kunsten, Bozar, Brussel, 2020 © Ergo Pers

 

De vernietiging als methode


In een mooi In Memoriam legt Willem Elias de vinger op het boeiende onderscheid tussen constructieve en destructieve schoonheid:

«De constructieve schoonheid is gedoemd om glans, om schijn te blijven. Dit is de schoonheid zoals ze in de ‘Phaedrus’ van Plato wordt uiteengezet. Ze is de schoonheid als Idee, die nooit echt gerealiseerd wordt in het kunstwerk. Zelfs de meesterwerken zijn eeuwige tekorten, beschreven in de kunstgeschiedenis als het verhaal van de gedoemde mislukkelingen. De schoonheid zoals onder andere Philippe Vandenberg haar in zijn oeuvre realiseert, is deze van de destructie. Vooronderstelling is hier uiteraard het afrekenen met de burgerlijke gelijkschakeling tussen destructie en de wereld van de negatieve bijbetekenissen. De destructie is precies het positieve want het is de wijze waarop de kunstenaar en nadien de toeschouwer de realiteit verwerken en bewerken. Het is het resultaat van de worsteling tussen object (de werelden) en subject (de ikken). Pas in de negatie wordt de wereld door het ik toegeëigend. De werken van Philippe Vandenberg zijn de sporen van dit proces, dat het leven zelf is. Dus geen schijnalternatief van de werkelijkheid, de nabootsing, maar het maken van een eigen wereld met verf als bloed, met penselen als nagels en tanden».[2]

Hij wilde nog een eigen Dekaloog gestalte geven. In een van zijn laatste brieven aan Rein Ergo schreef hij nog vertwijfeld maar direct:

'ik voel me ronduit slecht in de huidige wereld, en graag had ik nog een poging, hoe minimaal, zelfs microscopisch maar wel symbolisch gedaan om, hoe tevergeefs het ook weze, dit te uiten en een stem te laten klinken in het kluwen waarin we hopeloos verzeild zijn geraakt. Oei oei, dat klinkt zwaar, maar dat hoeft het niet te zijn, integendeel, laat mij de gruwel serveren op een flinderdun plateautje in een verguld thé kopje' (...)

 

 

Een kleine selectie

 

Philippe Vandenberg [Photo: Jean-Pierre Stoop]

Philippe vandenberg, Saint-John's Drawings, 2008

Philippe Vandenberg. L'important c'est le kamikaze | Oeuvre 2000-2006. Musée Arthur Rimbaud, ON LINE vzw, 2006

Bernard Gaube. L’exercice d’une peinture. Cahier n° 1. Bruxelles 2003. Hier verscheen de eerste tekstversie van wat later La Lettre au Nègre werd in Exil de peintre (Ergo Pers, 2003).

Philippe Vandenberg. Oeuvre 1995-1999. Antwerpen : MUHKA - MUseum van Hedendaagse Kunst Antwerpen, 1999

Een mooie tekst over zijn werk verscheen ook in Ons erfdeel, Yella Arnouts, Het laatste voor de dood. Philippe Vandenberg (1952 – 2009).

Kurt Snoekx, Philippe Vandenberg: de vitaliteit van de kamikaze | www.bruzz.be

Patrick Van Rossem, Philippe Vandenberg en de weg van de tekenkunst, de weg van de mens, (2012)

“Het werkelijke probleem: dat is de confrontatie met de materie. Wat doe je ermee? Hoe vertaal je haar in licht? (…) Ons lijden komt niet alleen voort uit de menselijke verwonding maar vooral uit de innerlijke verdeeldheid tussen de materie en de geest. Hoe ontloop je de valkuil van de materie ? (…) Het gebeurt dat ze mij bang maakt. Vandaar mijn grote liefde voor de tekening. Daarin is de materie per definitie tot een minimum teruggedrongen.’ [Philippe Vandenberg][6]

Willem Elias, In Memoriam Philippe Vandenberg, Vakgroep Educatiewetenschappen (Vrije Universiteit Brussel) | uvv - deMens.nu

 

 

 

 

      Tekeningen van een schilder, Julien Vandevelde (2004)

 

Tekeningen van een schilder, Julien Vandevelde (2004)

Tekeningen van een schilder is een fragment uit de documentaire Een schilder is als Œdipus onderweg van filmmaker Julien Vandevelde. Van 1999, naar aanleiding van zijn overzichtstentoonstelling in het M HKA (Museum van Hedendaagse Kunst Antwerpen), tot 2004, legde Vandevelde de kunstenaar vast terwijl hij bezig was en reflecteerde in zijn atelier. In dit fragment, opgenomen in zijn atelier in de Stokerijstraat in Gent, gaat Vandenberg in op de betekenis van de tekening binnen zijn oeuvre en voor hem als persoon.
'Tekenen is mijn redding.'

RegieJulien Vandevelde
Productie Cavalier Seul
NL

 

      Philippe Vandenberg painting, Julien Vandevelde (2001)

Philippe Vandenberg painting, Julien Vandevelde (2001)

Footage by Julien Vandevelde documenting Philippe Vandenberg painting in his studio in Ghent in 2001.
Director: Julien Vandevelde | Production: Cavalier Seul

 

 

 


[1] Deze foto werd genomen door Michiel Hendryckx, gelicenseerd onder de voorwaarden van de  Creative Commons Attribuzione-Condividi allo stesso modo 4.0 Internazionale licentie.
In het persoonlijke archief van Vandenberg, sinds 2015 ondergebracht in de Gentse Universiteitsbibliotheek, bevinden zich een driehonderdtal, vaak ongesorteerde fotoportretten van de kunstenaar gemaakt tussen 1981 en 2008. Het betreft grotendeels analoge foto’s en contactvellen, maar ook enkele digitale beelden. Het gros toont Vandenberg in zijn atelier, in het bijzonder in de Hofstraat in Gent waar hij werkte van circa 1981 tot 1988. [Eléa De Winter, Een veelheid aan schilders. Fotoportretten van Philippe Vandenberg, in De Witte Raaf, Editie 213, september-oktober 2021| www.dewitteraaf.be]
[2] Philippe Vandenberg (1952- ) — Aspecten van de Belgische kunst na 1945 | www.belgischekunst.be
later hernomen in Willem Elias, In Memoriam Philippe Vandenberg, Vakgroep Educatiewetenschappen (Vrije Universiteit Brussel) | uvv - deMens.nu.
[3] Ronny Delrue, Het onbewaakte moment – De gecontroleerde ongecontroleerdheid bij het tekenen. Ronny Delrue in gesprek met Luc Tuymans, Anne-Mie Van Kerckhoven, Roger Raveel, Katleen Vermeir, Kris Fierens en Philippe Vandenberg, Mercatorfonds  Brussels, 2011.
[4] Iris Paschalides Prachtig lelijk. Het obsessieve werk van Philippe Vandenberg. De leeswolf, 2007, N°5, 397-400
[5] Ludo Bekkers, Het avontuur van het schilderen. Over het oeuvre van Philippe Vandenberg, Ons Erfdeel. Jaargang 39(1996), p. 577.
[6] Le véritable problème: c’est la confrontation avec la matière. Que faire avec elle? Comment la traduire en lumière? (…) Notre souffrance provient, non seulement, de la blessure humaine mais surtout du tiraillement qui nous habite, entre la matière et l’esprit. Comment ne pas tomber dans la piège du matière? (…) Il arrive qu’elle me fasse peur. D’où mon grand amour pour le dessin. La matière y est réduite, d’office, au minimum.” Philippe Vandenberg in: A. Tourneux (red.), Philippe Vandenberg – Œuvre 2000-2006, On Line & Musée Arthur Rimbaud, Gent & Charleville-Mézières, 2006, p. 24.
[7] Emile Luider is geboren in °1959 in Ridderkerk (NL) studeerde Beeldende Kunst in Breda en ging werken voor de KLM en Sabena bladen. Deze foto is ontleend aan een Sabena magazine.